Het trainen van de volledige vuursteunketen, van doelopspoorders bij de brigade tot en met de fire direction centra (FDC) en alle functionarissen en groepen ertussen, is een lastige exercitie. Er zijn een beperkt aantal oefeningen waar de gehele vuursteunketen of delen daarvan live kan trainen. Dit heeft onder andere te maken met veiligheidsregels, beperkingen op oefenterreinen en het gebrek aan oefenterreinen waar inzet en eindgeleiding van ground based fire support (GBFS) gecombineerd kan worden met de inzet en eindgeleiding van close air support (CAS). Veelal wordt slechts een klein deel van de vuursteunketen getraind.
Naast live firing – en field training exercises (LFX/FTX) wordt er gemiddeld één keer per jaar een ‘plaatoefening’ georganiseerd. Tijdens deze oefening trainen de vuursteunelementen van de brigades en de afdeling artillerie in ’t Harde. Ook tijdens deze oefening wordt slechts een beperkt deel van de grondgebonden vuursteunketen getraind.
Met de meer dan verdubbeling van artillerie capaciteit op korte termijn, wordt de behoefte aan trainingscapaciteit ook groter. Niveau 4-6 trainingen waarbij het accent op de vuursteundoelstellingen ligt zal niet evenredig toenemen. Het gat aan trainingsmomenten wat zal ontstaan kan voor een deel worden opgevangen door gebruik te gaan maken van simulatie.
De vuursteunschool van het Vuursteuncommando beschikt over simulatiecapaciteit op de Legerplaats bij Oldebroek in ’t Harde welke gebruikt wordt voor opleiding en training. De capaciteit bestaat uit een aantal AFSIS-lokalen en het Joint Fires Training & Exercise System (JFTES), de laatste bestaat uit een zestal, verschillende types simulatoren voor de opleiding van forward observers (FO) en het trainen van fire support teams (FST) of delen daarvan.
Met het koppelen en uitbreiden van de O&T faciliteiten binnen de vuursteunschool wordt het mogelijk om de gehele vuursteunketen of delen ervan te trainen op niveau vier t/m zes, inclusief de bijbehorende logistieke uitdagingen. Alle processen die te maken hebben met de besluitvorming en bevelvoering binnen de keten kunnen met behulp van simulatie realistisch en met de focus op vuursteun getraind worden.
Het trainen in deze gesimuleerde omgeving heeft een aantal voordelen:
Er kan realistisch getraind worden waarbij de focus volledig op de trainingsdoelstellingen voor de vuursteunketen ligt, zonder daarbij ‘gehinderd’ te worden door minder relevante doelstellingen van andere eenheden.
Met de voorziene simulatiecapaciteit is het mogelijk om verschillende onderdelen binnen de vuursteunketen deel te laten nemen; één afdeling, vuursteunpersoneel van twee manoeuvre bataljons, een BVE en het brigade JFSCC als HICON. Ook is het mogelijk manoeuvre elementen als role play deel te laten nemen.
Kostenbesparend op allerlei gebied; munitie, brandstof, man oefendagen, etc.
Het is logistiek eenvoudig te organiseren, de benodigde faciliteiten voor personeel, zoals legering en voeding zijn op de Legerplaats bij Oldebroek aanwezig. De voertuigen van de te trainen eenheden zijn niet benodigd.
In oktober 2024 heeft het defensie expertise centrum joint fire support (DECJFS) een projectkaart ingediend waarin de behoefte aan een vuursteunketensimulator is beschreven. De behoefte is volledig in lijn met de Defensie Simulatie Richtlijnen 2021, Simulatie bij het CLAS in 2030 LvO.115 en de Defensie Modellering & Simulatie Visie 2035.
Doel van het project is om via het koppelen en uitbreiden van de bestaande O&T faciliteiten binnen de vuursteunschool, de mogelijkheid te creëren om de gehele vuursteunketen of delen daarvan gecentraliseerd en op relatief eenvoudige wijze te trainen in een gesimuleerde omgeving, inclusief het gebruik van ELIAS/AFSIS.
De vuursteunketen bestaat uit elementen binnen de brigades en de afdeling artillerie.
Binnen de brigades; brigade joint fire support coordination centre (JFSCC), bataljon JFSCC, FST, fire direction centre (FDC) mortieren en de mortieren 81- & 120mm.
Binnen de afdeling; afdelingsstaf, het sensorpeloton, afdelings FDC, (Batterij staf), PzH en PULS Pelotons FDC, PzH en PULS guns.
Binnen de keten kan CAS gesimuleerd uitgevoerd worden door fighters en heli’s.
Indien de JFTES simulatoren gekoppeld zijn, zijn er voldoende stations om de navolgende eenheden te laten deelnemen in de training:
JFSCC van 2 bataljons
4 FSTs van verschillende compagnieën
Een BVE
FDCs van 81mm en 120 mm mortier eenheden
Verschillende role players:
Piloot van fighter en/of heli
UAS operators
All arms observers
Manoeuvre commandanten
Door het koppelen van alle AFSIS-lokalen binnen de vuursteunschool, kan een ELIAS/AFSIS-keten gecreëerd worden, waarin de afdeling met de verschillende subeenheden kan deelnemen:
Personeel uit de afdelingsstaf (S2, S3, S4 en S6)
Personeel van 3 batterijen artillerie (PzH en/of PULS)
Het sensorpeloton (CBC en/of UAS)
Door de aparte after action review ruimte van JFTES om te bouwen, kan deze ruimte gebruikt worden door HICON om het scenario en de eenheden aan te sturen.
Realisatie van het project zal waarschijnlijk met vertraging te maken krijgen vanwege een tekort aan capaciteit bij het JIVC. De prioriteit ligt bij hoofdtaak 1 gerelateerde projecten. De tijdbalk ziet vooralsnog als volgt uit:
2025 – 2026 verwerving
2026 – 2027 implementatie en scenario’s maken
2027 – 2028 in SJP d.z.v. DT&O






















