Van 02 tot en met 13 september 2024 namen Charlie compagnie van 45 Pantserinfanteriebataljon (C/45) en meerdere NLD Fire Support Teams (FSTs) deel aan de LFX GRIFFIN STRIKE (GRST). Doel van de oefening was het integreren van manoeuvre en vuursteun in diverse niveau 3 en 4 scenario’s. Plaats van handeling is onder meer Schießbahn (SB) 35 en diverse observatieposten (OPs) in Truppenübungsplatz Baumholder. Met dit artikel willen we de lezer informeren over de opzet en het verloop van deze LFX. Daarnaast hoop ik enerzijds eenheden te enthousiasmeren om hun FSTs en mortiergroepen in de gelegenheid te stellen deel te nemen aan het JFS gedeelte van GRST en anderzijds de (FTX/ LFX) mogelijkheden die Baumholder te bieden heeft onder het voetlicht te brengen.
GRIFFIN STRIKE: JFS in een multinationale omgeving
In den beginne…
In 2014, werd in het kader van het project Griffin de samenwerking gezocht met de Duitse vuursteun collega’s om een LFX te organiseren. Hierbij kwam men uit op het, voor waarnemers uitdagende, schietterrein in Baumholder. Onder andere vanwege de aanwezigheid van de daar aanwezige Duitse Artillerieschule die sindsdien de organisatie van de oefening op zich neemt. Vanuit de Nederlandse zijde is het Joint Fire Support Coordination Centre (JFSCC) van 43 Gemechaniseerde Brigade (43 Mechbrig) verantwoordelijk voor de organisatie van oefening.

Normaliter nemen er uit Nederland twee FSTs deel aan de oefening, die oorspronkelijk bedoeld is voor gemechaniseerde en gemotoriseerde eenheden. De laatste tijd, echter, ontstaat er ook steeds meer belangstelling vanuit de luchtmobiele en Fallschirmjäger hoek. Vanwege de complexiteit van de scenario’s en het terrein geniet het de voorkeur dat goed getrainde FSTs deelnemen. Voor een beginnend FST is een dergelijke oefening vaak te hoog gegrepen. Het aanbod van beschikbare FSTs is soms een beperking vanwege de lage personele bezetting en het grote aantal oefeningen van zowel de vuursteun als de manoeuvre, aan Duitse en aan Nederlandse zijde. Ervaren of onervaren: deelnemende FSTs laten vaak een enorm steile leercurve zien.

In de loop der jaren is ook een delegatie van het Belgische Artillerie bataljon een vast onderdeel van de oefening geworden. Daarnaast zijn er incidentele deelnames vanuit Luxemburg en Frankrijk geweest. De tri-nationale samenwerking tussen Nederland, Duitsland en België blijft echter de hoofdmoot van de oefening.
Doel van de oefening
De oefening bestaat uit twee gedeeltes die gescheiden worden door het weekend. In de eerste week worden er diverse FTX-scenario’s afgewerkt waarbij het bekend worden met elkaars procedures bovenaan staat. Er wordt binnen drie dagen een carrousel afgewerkt met twee stations per dag voor ieder FST. Deze stations bestaan bijvoorbeeld uit een Nederlandse en Duitse Joint Fires Simulator, een Belgische lane en een of twee Nederlandse en Duitse lanes. De aankleding van de FTX lanes draagt bij aan een zo realistisch mogelijk scenario. Zo gebruiken we bij een van de Nederlandse lanes vaak een uitgestegen infanterie component als eigen troepen, terwijl er vijandelijke role play in de zogenaamde target area aanwezig is met diverse wapensystemen. Bij de andere Nederlandse lane, waarbij de observation post (OP) juist meer statisch is, wordt er gebruik gemaakt van de diverse gepantserde voertuigen om als doelvoorstelling te fungeren.
De FSTs krijgen continu dilemma’s voorgelegd waarbij er gekozen moet worden met welke wapensystemen en/of kalibers een vijand aangegrepen kan worden. Veel ondersteunende elementen, zoals artillerie en mortier eenheden, leveren tijdens deze week een klankbord voor het FST. Ondertussen kan de rest van de eenheid eigen FTX-training oppakken in het uitdagende en heuvelachtige terrein. Daarnaast wordt er ook gebruik gemaakt van ingehuurde vliegtuigen die de luchtsteun verzorgen en op die manier de luchtsteun simuleren.
In het weekend vindt er een TOZT plaatst in de omgeving. Hierbij ligt de focus op het integreren van vuursteun binnen de diverse tactische situaties die geschetst worden. Op deze wijze kunnen de FSTs leren van elkaars denkwijze.
De tweede week ligt de focus op de LFX-momenten. Hierbij wordt er gebruik gemaakt van de diverse grondgebonden vuursteun systemen zoals Belgische 105mm getrokken houwitsers. Maar ook Nederlandse en Duitse 81mm en 120mm mortieren en 155mm pantserhouwitsers. Tevens worden er niet alleen ingehuurde civiele vliegtuigen gebruikt om de luchtsteun te simuleren, maar zijn er regelmatig diverse echte air assets zoals Eurofighters, Tornado’s of F-16’s beschikbaar. Daarnaast verzorgden dit jaar Duitse Eurocopter Tiger diverse hot runs in de verschillende scenario’s. Gedurende deze week ligt de focus bij het beoordelen van de FSTs meer op de planning en de communicatie onderling, maar ook richting de grond commandant.
Aan het einde van de gehele oefening wordt er een score opgemaakt m.b.t. het optreden van de FSTs over de gehele periode. Het winnende FST ontvangt dan tijdens de prijsuitreiking op de donderdagavond een wisseltrofee. Helaas voor de Duitse en de Belgische collega’s gaat de trofee, letterlijk, negen van de tien keer naar de Nederlanders. Zo ook in 2024.



Overbruggen, ga door
Over het algemeen beschouwd lijkt er enorm veel effort te worden gestoken in het trainen van slechts zes FSTs (drie Duitse, twee Nederlandse en één Belgische), anderzijds is dit, zoals eerder aangehaald een unieke oefening. Het is de enige locatie en oefening in West-Europa waarin een FST life vuren van zowel grondgebonden vuursteun als luchtsteun simultaan kan uitvoeren. Daarnaast biedt het de unieke kans om de verschillende kalibers, van diverse landen, tegelijkertijd te kunnen gebruiken. Ook geven alle FSTs, ervaren en onervaren, aan dat hun niveau enorm is gestegen. Niet alleen vanwege het aanbod van alle ondersteunden schietende eenheden, maar ook vanwege het realisme van de scenario’s. Na iedere lane en station vindt er een evaluatie plaats door zowel een FO als JTAC evaluator, met niet alleen verschillende achtergronden, maar dus ook van verschillende nationaliteiten.
Gezien de integratie van alle drie Nederlandse brigades onder een Duitse divisie is het belang van de samenwerking met de Duitsers, en met name de Duitse vuursteunketen, alleen maar toegenomen. Binnen brigades en zelfs bataljons vindt er uitwisseling plaats van eenheden. Hierdoor kan bijvoorbeeld een Nederlands FST onder een Duits JFSCC vallen of visa versa. Door beide vuursteunketens op jaarlijkse basis een kijkje bij elkaar in de keuken te geven ontstaat er wederzijdse kennis van de systemen, en komen er soms ook zeer praktische oplossingen boven drijven die weer meegenomen worden is latere oefeningen.
In de toekomst zal de focus van de oefening meer richting hoofdtaak 1 gaan. Er wordt dan nog meer gekeken naar mogelijkheden om elkaars systemen te integreren. Hierbij valt bijvoorbeeld te denken aan het gebruik van Artillery Systems Cooperation Activities (ASCA) om beide digitale ketens, Advanced Fire Support Information System (AFSIS) en Artillerie-, Daten, Lage- und Einsatz- Rechnerverbund (ADLER), aan elkaar de koppelen. Ook het uitbreiden van de (ondersteunende) eenheden met UAS, Multi Missie Radars (MMR) of zelfs Precise & Universal Launching System (PULS) raket systemen.
Kortom, een unieke oefening met nog meer dan genoeg groeimogelijkheden voor de toekomst!
LFX C/45: kansen en uitdagingen van Trübpl Baumholder
Geruime tijd ben ik bekend met de LFX GRST als vuursteunoefening, waar een steunverlening voor een grondeenheid aan vast zit. In het kalenderjaar 2024 waren wij met C/45 de aangewezen eenheid om deze steun in te vullen. Na wat overleg zagen we de kans om naast de ‘steunverlening’ voor een vuursteun-zwaar scenario met een grondcomponent van een infanteriepeloton te voet ook een groot gedeelte eigen training op niveau 3 en 4 op te pakken, inclusief LFX. Deze kans hebben we dan ook met beide handen aangegrepen en we zijn in de weken 36 en 37 naar Baumholder afgereisd met twee pantserinfanteriepelotons, de compagniesstaf en het FST.


FTX
Zoals reeds benoemd was ons bestaansrecht in Baumholder de steun van een grondeenheid in een van de scenario’s binnen de oefening Griffin Strike. Het scenario waar dit om ging werd praktisch Lane 1 genoemd en u raadt het nooit: dit vond plaats op schietbaan 1. Het scenario betrof een FTX-scenario van een dagdeel waarbij een aanval van een eenheid te voet ondersteund werd door indirecte middelen. De nadruk lag hierbij natuurlijk op de integratie van manoeuvre en vuursteun, de synchronisatie van verschillende middelen in tijd en ruimte en het adviseren van de grondcommandant door de FSTs. In de inleiding noemde ik de steunverlening al tussen aanhalingstekens, aangezien de wijze waarop dit scenario uitgevoerd werd zeker niet als steunverlening heeft aangevoeld. Meerdere internationale FSTs kwamen op Lane 1 voorbij, waarbij de grondcommandant door (plaatsvervangend) commandant C/45 werd ingevuld. We besloten in dit scenario om met twee infanteriepelotons te voet de aanval op een oord uit te voeren. De aanval werd door grondgebonden vuursteun en luchtsteun ondersteund. Deze werd weer aangestuurd door FSTs uit NLD, BEL en DEU. Naast dat dit voor de compagnie een prima trainingsmogelijkheid was, is het voor het aansturende element ook interessant om met verschillende FSTs, al dan niet van verschillende nationaliteiten, samen te werken. En op deze manier van elkaar te leren. Leuke bijkomstigheid is dat het scenario met uitstekende pyrotechnische middelen ondersteund wordt, wat in positieve zin bijdraagt aan de beleving. De elementen van de compagnie die niet bezig waren met de ondersteunen van het scenario, konden middels pelotonsscenario’s trainen in de omliggende oefengebieden (niveau 3b). Uitdagend en onbekend terrein, waar prima trainingsmogelijkheden zijn en meer dan voldoende ruimte is. Ook buiten de bezette gebieden door de JFS eenheden binnen LFX GRST waren er nog voldoende trainingsmogelijkheden.
LFX
Nadat de compagnie in de eerste week het FTX gedeelte afgerond had, zijn we in de tweede week doorgegaan in een niveau 4a LFX scenario op de schietbaan 35. Een mooie, grote schietbaan waarbij zowel uitgestegen als bereden veel mogelijk is. Aan het begin van de schietbaan liggen oefengebieden, die onderdeel gemaakt kunnen worden van de schietbaan. Dit vergroot natuurlijk de begrenzing van de schietbaan en daardoor is het mogelijk om ook de logistieke bevoorrading en eventuele ketentraining in het scenario te laten plaatsvinden. Op een plek die tactisch ook logisch is. Zo lang de groene vlag op de voertuigen geplaatst is en de wapens op safe staan, is bewegen in deze gebieden geen probleem. Ook het verblijven in een Forming Up Place is mogelijk, zonder dat we voor die tijd hoeven te ontladen en een wapeninspectie hoeven uit te voeren. Op deze manier hebben we het mogelijk gemaakt om een meerdaags doorlopend tactisch scenario te doorlopen, waarbij we vanuit de AA Camp Aulenbach, via een Bevoorradingsstraat met o.a. voeding en munitie een niveau 4b training hebben uitgevoerd. Deze was gericht op de pelotonstaken ‘de aanval’ en ‘de opstelling’. Door dit als doorlopend, meerdaags scenario te kunnen doen, werd het schietbaangevoel (en dus ook gedrag) zo veel als mogelijk weggenomen.
Samenvattend
Ik kan concluderen dat het deelnemen aan LFX GRST door een grondeenheid als waardevol ervaren kan worden. De integratie met (internationale) vuursteunadviseurs en de scenario’s binnen LFX GRST bieden meer dan voldoende trainingsrendement op niveau 3 en 4. Daarnaast is er nog genoeg tijd en ruimte om eigen training te faciliteren in Trübpl Baumholder. Ook de schietbanen, en dan met name baan 35 voor het 35mm schieten, zijn goede alternatieven voor bijvoorbeeld schieten in Bergen. Ik ben ook van mening dat het trainen in een andere omgeving dan meer bekende oefenterreinen zoals Bergen, Altmark of Klietz er voor zorgt dat onze leidinggevenden geconfronteerd worden met andere (terrein-)aspecten, waardoor er weer andere leerpunten naar boven komen. Het is goed om te beseffen dat 35mm schieten nog vrij onbekend is in Baumholder en dat er daardoor af en toe wat meer toegelicht moet worden dan we in Bergen gewend zijn, maar ik heb onze Duitse collega’s van Range Control in Baumholder als meedenkend ervaren. Ik zou elke (pantser)infanteriecompagnie dan ook willen aanbevelen eens te kijken naar de mogelijkheden die Trübpl Baumholder biedt!
Conclusie
Zowel vanuit manoeuvre als vanuit vuursteun perspectief is deelname vanuit de (panter)infanteriebataljons aan LFX GRST een aanrader. Voor FSTs en mortiergroepen biedt het de gelegenheid om in een uitdagende omgeving hun primaire taken uit te voeren: het coördineren of leveren van vuursteun. Daarnaast krijgen ze de gelegenheid om te werken (en te de-conflicteren) met vuur- en luchtsteunmiddelen die binnen het eigen bataljon niet aanwezig zijn zoals (pantser)houwitsers en diverse air assets. Voor de (pantser)infanterie liggen er ook kansen op het gebied van zowel FTX als LFX. De relatief onbekende schietbanen zorgen voor mogelijkheden die er bijv. in Bergen niet zijn. Daarnaast levert de aanwezigheid van de vuursteunmiddelen, die toch al onderdeel uitmaken van het JFS gedeelte van GRST, een kans om deze in een manoeuvre LFX op compagniesniveau te integreren. Nu alleen nog een (pantser)genie-eenheid toevoegen en het plaatje is compleet.

























