Sinds 01-01-2025 is de 13e Luchtverdedigingsbatterij ''Ypenburg'' onderdeel van 13 BCT. Hiermee verschoof de focus van statische luchtverdediging naar hoog mobiel binnen de manoeuvre context. Dit betekent dat wij als luchtverdedigers onze plaats in het gevechtsveld opnieuw moesten vinden. Niet alleen optreden met andere fysieke middelen, maar het vraagt ook om een ontwikkeling in de mentale én de conceptuele component. Gedurende diverse divisie- en brigade oefeningen zijn we aan de slag gegaan met deze componenten. Een van de speerpunten hierin is het creëren van eenheid van opvatting tussen luchtverdedigers onderling, de te steunen eenheid en alle gevechts-, gevechtsteunende en gevechtsverzorgende eenheden.
Als fundament is hier de Leidraad Luchtverdediging (LD-4) en Stencil 3900 De Pantserluchtdoelbatterij voor gebruikt. Deze vervallen boekwerken dragen bij aan de ontwikkelingen van denkmodellen en werkwijzen zoals parallelle commandovoering om effectief luchtverdediging te kunnen leveren binnen de manoeuvre context. Een van die denkmodellen is het gebruik van luchtverdedigingsvormen. Deze bieden de commandant na het bepalen van luchtverdedigingsprioriteiten een mogelijke oplossingsricht. Hoewel de LD-4 voorschrijft dat luchtverdedigingsvormen geen standaard tactische opdrachten zijn voor ondercommandanten zijn deze vormen wel zo ingezet. De reden hiervoor is het creëren van eenheid van opvatting tussen commandant en ondercommandant. Met het gebruik van luchtverdedigingsvormen geeft de commandant richting aan zijn ondercommandanten, maar laat ze vrij in hun ontplooiingsmogelijkheden.
Een andere reden voor het gebruik van luchtverdedigingsvormen als tactische opdrachten is de factor tijd. De batterijcommandant, die tevens speciaal stafofficier luchtverdediging is van de brigade, heeft niet altijd lang de tijd om zijn ondercommandanten te informeren. Het gebruik van een oleaatbevel draagt bij aan de geringe tijd die de commandant heeft om zijn oogmerk, operatieconcept en de opdrachten over te dragen naar zijn ondercommandanten. In de terugkoppeling van de pelotonscommandanten wordt ook niet meer gesproken over te bereiken effecten, maar over de manier waarop het peloton de opdracht gaat uitvoeren.

In de oefening Fighter Lion is 13 Luchtverdedigingsbatterij "Ypenburg" gestart met het experimenteren met luchtverdedigingsvormen en tactische tekens. Tijdens diverse oefeningen hebben de pelotons luchtverdedigingsvormen als tactische opdracht gekregen en heeft de bevelsuitgifte plaatsgevonden middels een oleaatbevel. De factor tijd speelt hierin een grote rol. Vaak is er niet meer een klassieke CB, ICBB en FCBB, maar ziet de commandant zijn ondercommandanten nog één keer voor de terugkoppeling. Het vertrouwen van de commandant naar zijn ondercommandanten is hierin belangrijk. De ervaringen die zijn opgedaan zijn positief. Er wordt eenheid van opvatting gecreëerd en de ervaring is dat de ondercommandanten begrijpen welk effect bereikt moet worden.






















