Op het moment van schrijven heeft de Charlie-batterij 41AFD op 12 en 13 nov tijdens de SOB/SOMS 2025-III, 17 trainingsraketten verschoten vanaf Baan 19 te Bergen. Een belangrijke mijlpaal in velerlei opzicht:
- Het is de eerste keer sinds de laatste schoten van de MLRS in DEU, meer dan twintig jaar geleden
- Het is wederom de eerste keer dat een NLD raketeenheid weer heeft samengewerkt met een DEU radareenheid (uitgerust met de COBRA) teneinde als veiligheid te fungeren
- Het was daarnaast een mooie demo en kans voor de PULS om zich aan een internationale schare van belangstellenden te tonen, dit grotendeels te danken aan het IBT MMR en de lkol Henk te Kulve (op uitnodiging van het IBT MMR zijn een 22-tal landen uitgenodigd die belangstelling hebben voor de MMR, een aantal van deze landen hebben ook belangstelling voor de PULS en hiermee werd een gezamenlijke schietdemonstratie georganiseerd en uitgevoerd op 12 en 13 nov)
Terugkomend op de beide schietdagen, is zowel de capaciteit en werking van de Multi Missie Radar (MMR) als ook die van de PULS getoond. Zowel de COBRA als de MMR hebben de raketten na lancering opgepakt met de radar en vervolgens point of origin en point of impact geproduceerd. Deze info zal worden geanalyseerd en dienen voor o.a. het kunnen aanpassen van het veilige gebied dat gemoeid is met de huidige trainingsraketten. Het feit dat de MMR de raketten vanaf lancering t/m impact heeft kunnen volgen is van belang voor de nabije toekomst wanneer we weer met het RA-systeem gaan lanceren: de MMR kan dienen als sensor/waarneming voor de te verschieten munitie. Omdat beide systemen zich in de afdeling bevinden is het plannen en uitvoeren van LFX’n in principe niet afhankelijk van derden. Aangezien er voor het raketsysteem geen veiligheidsprocedure aanwezig was, is door het IBT RA een concept Veiligheidsprocedure RA opgesteld. De basis hiervan is grotendeels afkomstig van de veiligheidsprocedure die werd gebruikt t.b.v. LFX’n met de MLRS M270. Gelukkig is nog redelijk wat documentatie aanwezig en terug gevonden.

Het afgelopen jaar heeft zich gekenmerkt als een jaar vol verrassingen, static shows, bezichtigingen, niv-I en II oefeningen in NLD (zowel in/om oefengebied Marnewaard als ook in de strook waarbij opvallend de zeer positieve medewerking van de plaatselijke Groningse burgerbevolking en boerenbedrijven) en voorwaarden scheppen/regelen om te kunnen en mogen lanceren, waar dan ook. Gelukkig hebben we eerder dit jaar met de medewerking van KCW&M de eerste raketten kunnen lanceren in NLD (wat op zich ook voor het eerst überhaupt in NLD is gedaan). Als IBT RA en het team dat vanaf 01-07-24 deel uitmaakte van het IBT zijn we vaak (en worden we nog vaak) uitgenodigd en gevraagd om met een systeem ergens te gaan staan en uitleg te geven over de werking, dracht, optreden etc. van het systeem. Vanaf 01-07-25, de oprichting van de C-Bt van 41AFD, de raketbatterij, is dit team van mensen, geland op de diverse organieke functies in deze raketbatterij. Hiermee is een begin gemaakt met het vormen van een formele raketbatterij die i.s.m. het IBT RA, het afgelopen jaar en de komende periode doende is en blijft om (met ondersteuning) mensen te werven en te plaatsen, opleidingen aan te vragen, het systeem te (blijven) testen, verbeteringen door te (laten) voeren, het operationele concept RA-optreden uit te proberen, na te denken over de logistieke voorraad die aangehouden zou moeten worden en hoe deze bij de eenheid te krijgen, nabijbeveiliging of juist niet, beveiligen van het systeem kortom, genoeg te doen. En parallel hieraan loopt voor de raketbatterij het indribbelen in de afdeling.

Interessant zijn ook de vele bezoeken geweest die we de afgelopen periode hebben mogen ontvangen en te woord hebben gestaan. Een van de meest in het oog springende (voor mij althans) was het bezoek van een Eerste Kamer delegatie. Interessant vooral omdat we daar hebben kunnen aangegeven waarom NLD dit systeem heeft aangeschaft en dat het vooral vele mogelijkheden kent t.o.v. andere systemen. Daarbij is ook aangegeven dat we in de huidige tijd vooral ook kwaliteit nodig hebben, kwaliteit die de PULS bezit. E.e.a. vertaald zich m.n. ook in de zeer snelle ontwikkelingen t.a.v. (raket)munitie: in korte tijd hebben een aantal toonaangevende, munitie producerende bedrijven de handen ineen geslagen om de ontstane behoefte naar lange dracht en speciale munitie te kunnen bedienen. In deze zou het dan ook mooi zijn wanneer meer Europese landen voor de PULS gaan kiezen. Het is daarom ook dat de moeite die we met z’n allen getroost hebben om het schieten op 12 en 13 nov mogelijk te maken, hopelijk meer landen over de streep gaat trekken om voor de aanschaf van dit raketsysteem te kiezen.
Op het moment van schrijven van dit artikel zijn we in blijde verwachting van het wel dan niet mogen lanceren van de door Nederland (NLD) aangeschafte trainingsraketten (dit zijn dezelfde raketten die we samen met Kenniscentrum Wapens en Munitie (KCW&M) in juli van dit jaar vanaf de Breezanddijk, hebben gelanceerd). Procedure is dat van nieuwe munitie die men in Duitsland (DEU) zou willen verschieten en/of lanceren, eerst alle relevante documentatie tijdig aangeleverd dient te worden aan Berlijn. Deze documentatie, o.a. bestaande uit testgegevens, schootstafels, geluidsbelasting, samenstelling van de munitie etc. wordt vervolgens geanalyseerd waarna een goedkeuring moet volgen. Met deze goedkeuring wordt de nieuwe munitie in een database geplaatst waarna de munitie op iedere, voor die munitie geschikte schietbaan in DEU, gebruikt mag worden. Zoals aan het begin aangegeven, op moment van schrijven is het wachten op een positieve analyse van onze NLD trainingsraketten.






















